Ik voel me…

Wat zou jij op de puntjes zetten vandaag? Hoe voel je je, diep van binnen? Mogen al jouw gevoelens er zijn, of ben je bang om echt te laten zien hoe je je voelt? Aan de buitenwereld, en misschien ook wel aan jezelf. Als je je blij en gelukkig voelt, deel je dat graag. Maar gevoelens van schaamte, onzekerheid, jaloezie of angst? Dat is minder gemakkelijk… Die kanten van jezelf, daar ben je echt niet trots op. We laten ze liever waar ze zijn, in het donker. Ongezien.

Toch hebben alle gevoelens een functie. Ze willen je iets vertellen. Aan je emoties gaan situaties en gedachten vooraf. Je denkt iets en poefff, je voelt je… vul maar in. Soms kunnen nieuwe gebeurtenissen ook lijken op iets wat je eerder hebt meegemaakt. En dingen omhoog halen die je, bewust of onbewust, diep had weggestopt. Zo kunnen je gevoelens je op het verkeerde been zetten. Onder de dingen die je voelt, zitten andere, diepere gevoelens. Welke? Waarom zitten die er? Wat willen ze je zeggen?

Teveel

Je kunt, zeker als je een (hoog)gevoelig mens bent, geleerd hebben bang te zijn voor je gevoelens. Als je vroeger vaak hebt gehoord dat je ‘je niet zo moet aanstellen’, dat je overdrijft, of wanneer je werd uitgelachen of veroordeeld om jouw gevoeligheid, laat je het wel om ze te laten zien. En in jezelf kun je bang zijn voor de intensiteit. ‘Wanneer ik dit gevoel (bijvoorbeeld angst) echt toelaat, raak ik de controle kwijt. De angst zal me overspoelen en ik zal niet meer in staat zijn om te functioneren. Dan kan ik niet meer die sterke persoon zijn, of kunnen doen wat nodig is.’

Je gevoelens mogen er niet van je zijn, ze zijn negatief; dat is je overtuiging. Maar daardoor kan er me toch een bak ellende ontstaan! Door ze niet toe te laten, denken we onszelf of onze omgeving te beschermen. We zien de situatie waardoor het gevoel ontstaat niet onder ogen, en richten ons op andere dingen. Er niet over praten, afleiding zoeken in dingen als je werk, eindeloos scrollen door sociale media, of in eten en drinken.

Emotie-eten, om te verdoven wat je anders teveel voelt. Maar eigenlijk ‘vreet je jezelf op’.

‘Wat ik niet voel, bestaat niet…’

Als je het maar hard genoeg denkt, zou je het bijna gaan geloven, of niet? Maar weet je, het werkt niet zo. Het gevoel verdwijnt niet. Het laat zich goed wegstoppen in een hoekje van je hart. Maar het zit er wel steeds. En hoe langer het genegeerd wordt, hoe meer het gaat drukken. Juist door het niet toe te laten, beïnvloedt het meer en meer jouw functioneren. Jouw rust. Je geluk.

Want wanneer je je ‘negatieve’ (wat het niet zijn maar zo zien we ze) emoties als boosheid, angst of pijn niet wilt voelen en ervoor wegvlucht, kunnen ze gaan woekeren. Boosheid wordt dan wrok, kwetsing verandert in agressie, verdriet wordt verbittering. Met alle gevolgen van dien.

We vluchten uit angst weg van datgene wat we voelen, maar wat we zouden moeten doen, is stoppen met vluchten. En dat is een moeilijke stap, waar je moed voor nodig hebt. Zeker wanneer je angst wordt veroorzaakt door een situatie die niet over zal gaan, of die onvoorspelbaar is. Ontken je gevoel niet, dat helpt niet. Juist door de angst toe te laten, hem te laten praten en te luisteren naar wat hij jou te vertellen heeft, wordt hij gehoord en daarmee ‘behapbaar’. De situatie zelf verandert dan soms niet. Maar hoe jij ermee omgaat, wel.

Ruimte

Je kunt dan nog steeds af en toe bang zijn, maar dat mag er zijn. Die angst heeft je niet meer in zijn greep. En er ontstaat ook ruimte voor iets anders. Berusting. Open verwachting. Je leert relativeren, en ontdekt wat je kunt doen om, in de gegeven situatie, een verschil te maken.

Dus neem je gevoelens serieus, luister er vol zelfcompassie naar én kom in actie. Er is zoveel wat je kunt doen. En als je gelovig bent, kun je daar nog iets aan toevoegen. Vertel God over je gevoel. Hij heeft alle emoties gemaakt. Allemaal, dus ook de ‘negatieve’, emoties, mogen ze er zijn en worden door Hem gekend. Hij kent je door en door. Hij wil het goede voor je.

Door er met God over te praten, zal de situatie misschien niet veranderen. Maar Hij zegt wel het volgende tegen ons (Deuteronomium 31:8):  ‘De Heer zelf gaat voor je uit, Hij zal je bijstaan en geen moment van je zijde wijken.’

Dat voelt goed.